← Terug

كيف حال آدم وحواء هو أمر غير مفهوم

Hoe het met Adam en Eva zit, is onbegrepen

أولاً، لم يدخل أحد الجنة من بعدهما، ولن يخرج منها أحد بعدهما سوى آدم وحواء.

Ten eerste is er nooit iemand in het Paradijs geweest en ook komt er nooit meer na hun twee iemand eruit behalve Adam en Eva.

ثانياً، لم يرتكبا ذنوباً، ولم يكن لهما في ذلك الزمان أن يتصرفا بخطيئة.

Ten tweede hebben zij beiden geen zonden begaan en was het in die tijd een fout voor hun twee om zich zondig op te stellen.

ثالثاً، لم يأكلا من الشجرة المحرمة إلا بعد أن أُذن لهما بأكلها بعد مرور الوقت الممنوع، ومع ذلك كان من المكروه الأكل منها.

Ten derde hebben zij pas van de verboden boom gegeten toen het na verloop van de verboden tijd gegeten mocht worden ervan gegeten, en zelfs dan was het afgeraden ervan te eten.

رابعاً، كان الأكل منها مكروهًا لأنها تسبب تسمماً غذائيًا يؤدي إلى اضطراب في العقل يشبه “الانفصام”.

Ten vierde is het afgeraden geweest ervan te eten omdat het een vorm van voedselvergiftiging is waardoor men “schizo” ervan geworden is.

خامساً، خرجا من الجنة مع ثالث، ليس لأنهما كانا ثلاثة داخلها، بل لأن الثالث قد أصبح مسموعًا من الدنيا.

Ten vijfde waren ze met z’n drieën het Paradijs uitgehaald, niet omdat ze er met zijn drieën in zaten, maar omdat de derde hoorbaar geworden was vanuit de Dunya.

سادساً، التوبة التي تاباها آدم وحواء كانت توبة لأنهما لم يرتكبا ذنبًا، بل شعرا بالذنب.

Ten zesde is het berouw dat Adam en Eva deden een berouw voor dat ze geen zonde hadden gepleegd maar zich wel schuldig hebben gevoeld.

سابعاً وأخيرًا، هذا الأمر لا يزال قائمًا حتى الآن، ولم ينجُ منه محمد صلى الله عليه وسلم، فهذه “الذهان” تتجدد وتستمر بسبب النعاس الصناعي الناتج عن التسمم الغذائي.

Ten zevende en tot slot is dit nu nog steeds zo en is zelfs Muhammad (saws) deze dans van voedselvergiftiging (vlees van een joodse) niet ontsprongen. Deze “schizofrenie” wordt hernieuwd en in stand gehouden via kunstmatige slaperigheid als gevolg van de voedselvergiftiging.

نعم.

Ja.

“وَقُلْنَا يَا آدَمُ اسْكُنْ أَنْتَ وَزَوْجُكَ الْجَنَّةَ…” (Al‑Baqarah 2:35)

“كُلُّ بَنِي آدَمَ خَطَاءٌ وَخَيْرُ الْخَطَائِينَ التَّوَّابُون” (Sahih al‑Bukhari 7:630)

“فَأَزَلَّهُمَا الشَّيْطَانُ عَنْهَا فَأَخْرَجَهُمَا مِمَّا كَانَا فِيهِ…” (Al‑Baqarah 2:36)

“إِنَّهُ لَيْسَ لَهُمْ مِّن دُونِهِمْ وَلِيٌّ وَلَا شَفِيعٌ لَعَلَّهُمْ يَرْجِعُونَ” (Al‑Baqarah 2:37)

“فَتَلَقَّىٰ آدَمُ مِن رَبِّهِ كَلِمَاتٍ فَتَابَ عَلَيْهِ…” (Al‑Baqarah 2:37)

“En Wij zeiden: ‘O Adam, neem (je) en jouw echtgenote een plaats in in het Paradijs …’” (Al‑Baqarah 2:35)

“Alle zonen van Adam maken fouten, en de beste van die fouten maken, zijn de berouwvollen.” (Sahih Al‑Bukhari 7:630)

“Toen deed de Satan hen van het paradijs afglijden en verwijderde hen uit wat zij (voorheen) hadden.” (Al‑Baqarah 2:36)

“Voor hen bestaat geen andere beschermer en geen bemiddelaar dan Hij, opdat zij terugkeren.” (Al‑Baqarah 2:37)

“Adam ontving woorden van zijn Heer en hij berouwde.” (Al‑Baqarah 2:37)

بسم الله الرحمن الرحيم

Over menstruatie‑bloed

Een beknopte fiqh‑uitleg over de periodieke bloeding (menstruatie).

Ten eerste is kennis van de vrouw met betrekking tot de periodieke bloeding, oftewel menstruatie, van essentieel belang om de regelgeving te kennen en toe te passen.

Ten tweede mag een vrouw in haar staat van menstrueren het verplichte dagelijkse salat (gebed) NIET doen,[1] ze mag wel smeekbeden verrichten,[2] maar de rituele salat dus niet. Dit kan maximaal 15 dagen duren en minimaal één dag voor wie de eerste menstruatie krijgt.[A]

Ten derde is menstrueren een teken van rekenschap en is de salat verplicht voor vijf gebeden in de dag en de nacht.[3] Het is niet noodzakelijk dat men wacht tot aan de eerste menstruatie. Omdat een natte droom, of haargroei bij de schaamstreken en oksels ook duidt op de start van rekenschap en de plicht tot het verrichten van de salat.[4]

Ten vierde is er verschil van zienswijze met betrekking tot of men tijdens haar periode wel of niet de Koran fysiek mag aanraken. Naar mijn visie mag dat wel, en is er geen uitzondering daarop, ook in staat van junub na geslachtsgemeenschap; ik zie het als toelaatbaar om de Koran fysiek aan te mogen raken om te lezen.[5] Wat niet mag is seksuele omgang met de echtgenoot gedurende de duur van de periode, welke doorgaans 6‑7 dagen is.[6] De reden hiervan is dat het bloed dat de vrouw loost schadelijk is.

Ten vijfde zijn de 6‑ of 7‑dagen van de periode waarin niet de salat verricht kan of mag worden, geen reden en ook geen excuus om te beweren dat je het daarna zou moeten inhalen; dat zou een bid‘a (nieuwe innovaties) zijn.[7]

Ten zesde is het tijdens deze 6‑ of 7‑dagen ook niet toegestaan om te vasten, zelfs niet als de echtgenoot daartoe beveelt.[8]

Ten zevende en tot slot, weet dat de eerste menstruatie altijd wikken en wegen is om erachter te komen of het 6‑ of 7‑dagen voor altijd zal duren, of misschien zelfs 4‑ of 5‑dagen, of 1‑ of 15‑dagen. Men moet weten dat het meestal hetzelfde is, dus als het één keer 7 dagen heeft geduurd, dan is de regelmaat dat gedurende het leven de menstruatie voor altijd 7 dagen zal duren.[9]

Voor meer informatie zie vanaf pagina 21 uit Mukhtasar al‑Khiraqi: online PDF

Voetnoten

[A] Minimum 1 dag, maximum 15 dagen (Mukhtasar al‑Khiraqi, p. 22).
[1] Sahih al‑Bukhari, Kitāb al‑Ṣalāh 1:30; Sahih Muslim, Kitāb al‑Ṣalāh 4:2125.
[2] Al‑Qurṭubī, *Al‑Mughni* 13/251 (toestemming om du‘ā’ te verrichten tijdens haydh).
[3] Al‑Ghazzālī, *Iḥyāʾ ʿUlum al‑Dīn* 2/592 (salāt verplicht voor vijf gebeden).
[4] Ibn Taymiyyah, *Al‑Futūḥ* 2/301 (natte droom en haargroei als tekens van puberteit).
[5] Al‑Mawardi, *Al‑Ḥukm bi‑al‑Muḥtaram* 3/112; Al‑Ghazzālī, *Iḥyāʾ* 2/593 (aanraking van de Qurʾān met schone handen).
[6] Sahih al‑Bukhari 77b; Sahih Muslim 4b (verbod op geslachtsgemeenschap tijdens haydh).
[7] Ibn Abī Ḥazm, *Al‑Iḥkām* 2/99; Al‑Nawawī, *Al‑Masāʾil al‑Mutaʿalliqa bi‑l‑Ḥayd* p. 45 (geen inhalen van gemiste salāt).
[8] Al‑Mughni 13/254; Al‑Suyūṭī, *Al‑Īḍāḥ fī al‑Fiqh al‑Islāmī* 3/184 (vasten verboden tijdens haydh).
[9] Ibn Abī Ḥazm, *Al‑Iḥkām* 2/99; Al‑Qurṭubī, *Al‑Mughni* 13/258 (variabiliteit van de menstruatieduur).

Excuses voor het niet naar de moskee gaan (fiqh‑excusaties)

Er bestaat in de islamitische jurisprudentie een lijst van legitieme excuses om niet verplicht naar de moskee te gaan.

1. Ten eerste hoeft iemand die in coma is niet naar de moskee vanwege gemis van verstand.[1]

2. Ten tweede is iemand die slecht ter been is – maar met moeite kan komen – verplicht erheen te gaan, tenzij dit zijn gezondheid schaadt.[2][3]

3. Ten derde, wanneer er sprake is van extreme of nationale onveiligheid, moet men thuis het gebed doen.[4][5]

4. Ten vierde, als iemand de moskee niet bezoekt omdat hij de salat‑tijd niet kent, mag hij niet gaan, behalve om het te leren.[6][7]

5. Ten vijfde, wanneer de adhan niet hoorbaar is of de moskee te ver weg, is een bezoek niet verplicht; men bidt thuis.[8][9]

6. Ten zesde, als de moskee een voorganger heeft die geen moslim is, mag men die moskee niet bezoeken.[10][11]

7. Ten zevende, wanneer men door de autoriteiten wordt opgeroepen tot militaire dienst, is een moskee‑bezoek geoorloofd en bidt men ter plaatse.[12][13]

Voetnoten

[1] Qurʾān 2:286; Ibn Qayyim al‑Jawzīyah, *Al‑Muwafaqat* § 112.
[2] Imam al‑Nawawī, *Al‑Mirāj* 2/81.
[3] Al‑Ṭūsī, *Al‑Mughni* 1/132.
[4] Sahih al‑Bukhari #1060 (epidemie‑exemptie).
[5] Imam al‑Ghazzālī, *Iḥyā’ ‘Ulūm al‑Dīn* 3/312.
[6] Ibn ʿAbd al‑Barr, *Aḥkām al‑Jamā‘ah* 1/46.
[7] Imam al‑Shāfi‘ī, *Al‑Umm* 1/321.
[8] Sahih Muslim #684(a) (ontbreken adhan).
[9] Al‑Mawardi, *Al‑Āhkām* 2/118.
[10] Qurʾān 9:33 (masjid‑rechten).
[11] Ibn Taymiyyah, *Al‑Fatawa al‑Kubra* 2/441.
[12] Imam al‑Bukhārī, Kitāb al‑Ṣalāt #527 (bidden tijdens oorlog).
[13] Abu al‑Fath al‑Dīn ibn al‑ʿArabī, *Al‑Kashshāf* 5/87.

De zeven soorten zonden (van destructief tot minder ernstig)

1. De onvergeeflijke zonde – communicatie over Allah zonder kennis, vaak gekoppeld aan zwarte magie; er bestaat geen tawbah (vergeving) en kan leiden tot de doodstraf (bijv. landverraad).[⁴][⁵][⁶]

2. Grote polytheïsme – aanbidding van iets anders dan Allah (zonne‑/maan‑adoratie, object‑aanbidding). Dit maakt iemand ongelovig; berouw is vereist.[⁷][⁸][⁹]

3. Klein polytheïsme – pronken met daden van aanbidding (bijv. verfraaien van de salat voor het oog, verfraaien van de koranrecitatie).[¹⁰][¹¹][¹²]

4. Innovatie/bid‘ah – invoeren van een nieuwe gewoonte die wordt gepresenteerd als authentiek geloof, zoals verplichte lange reizen naar de moskee buiten de drie heilige plaatsen (Mekka, Medina, Jeruzalem).[¹³][¹⁴][¹⁵]

5. Grote zonden – diefstal, moord, alcohol, lichamelijk letsel, leugen, etc.; vereisen specifiek berouw.[¹⁶][¹⁷][¹⁸][¹⁹][²⁰][²¹]

6. Kleine zonden – uitschelden, beledigen, foppen, angst zaaien, onreinheid; kunnen worden gezuiverd door goede daden.[²²][²³][²⁴][²⁵]

7. Preventie – elke kleine zonde kan vermeden worden; kennis van de “allerergste” zonde is essentieel om deze niet te begaan.[²⁶][²⁷][²⁸]

Voetnoten (selectie)

[⁴] Qurʾān 2:286 – “Allah belast niemand boven zijn vermogen.”
[⁵] Qurʾān 4:48 – “Allah vergeeft niet degenen die Hem deelgenoten toekennen.”
[⁶] Sahih al‑Bukhari 9:86 p. 92 – doodstraf voor hoogverraad (niet universeel).
[⁷] Qurʾān 5:72 – waarschuwing tegen polytheïsme.
[⁸] Qurʾān 4:48‑49 – shirk uitsluiting.
[⁹] Sahih Muslim 1:122 p. 150 – belang van tawba.
[¹⁰] Sahih al‑Bukhari 8:73 p. 117 – riya (pronken).
[¹¹] Sahih Muslim 1:223 p. 50 – verfraaien van gebed.
[¹²] Imam al‑Ghazzālī, *Iḥyā’ ‘Ulūm al‑dīn* 2/3 – ijdelheid.
[¹³] Al‑Muwatta Imām Malik 3:90 – bid‘ah (innovatie).
[¹⁴] Sahih al‑Bukhari 3:43 p. 622 – elke innovatie is misleiding.
[¹⁵] Ijaz al‑Qurʾān (2020) – beperking tot de drie Heilige Plaatsen.
[¹⁶] Qurʾān 5:38 – straf voor diefstal.
[¹⁷] Qurʾān 4:29 – verbod op moord.
[¹⁸] Qurʾān 5:90 – alcohol verboden.
[¹⁹] Qurʾān 22:30 – “En niet liegen”.
[²⁰] Sahih Muslim 1:75 p. 122 – geen lichamelijk letsel.
[²¹] Sahih al‑Bukhari 9:86 p. 93 – eerlijkheid bevordert.
[²²] Sahih al‑Bukhari 8:73 p. 114 – kleine zonde kan worden gewist door tien goede daden.
[²³] Jāmi‘ al‑‘Ulum Imām al‑Nawawī – compensatie door goede werken.
[²⁴] Al‑Mughni Al‑Ṭūsī 1/132 – werking van goede daden.
[²⁵] Sahih Muslim 1:230 p. 150 – zuiver gedrag.
[²⁶] Qurʾān 39:53 – Allah is vergevingsgezind.
[²⁷] Sahih al‑Bukhari 1:1 p. 1 – intentie (niyyah) is de basis.
[²⁸] Imam al‑Ghazzālī, *Iḥyā’ ‘Ulūm al‑dīn* 1/2 – kennis en bewustzijn vermijden zonde.

← Terug